Zo rijk was je nu als je 20 jaar geleden €5.000 in goud had belegd

zondag, 25 oktober 2026 (11:59) - Manners Magazine

In dit artikel:

Warren Buffett staat bekend als uitgesproken tegenstander van goudbeleggingen: het edelmetaal levert niets op, heeft volgens hem geen nuttige toepassing en brengt opslagkosten met zich mee. Toch laat een terugblik zien dat een investering in goud in dit geval zeer lucratief had kunnen uitpakken.

Wie op 1 oktober 2006 €5.000 in goud had gestoken, kon daarvoor ongeveer 330 gram kopen. Volgens de in het artikel gebruikte prijzen was dat goud op 1 oktober 2026 €39.312 waard. Dat komt overeen met een gemiddeld rendement van 10,9 procent per jaar. De groei verliep echter allesbehalve gelijkmatig. Na zeventien jaar was de waarde ongeveer €18.500; ruim 60 procent van de totale winst ontstond pas in de laatste drie jaar.

De sterke stijging werd onder meer toegeschreven aan grote goudaankopen door centrale banken, hardnekkige inflatie en geopolitieke onzekerheid. De prijs bereikte begin 2026 een piek. Wie toen had verkocht, zou ongeveer €48.320 hebben ontvangen. Daarna daalde de waarde in zeven maanden met circa 19 procent, waardoor de belegger die bleef zitten ongeveer €9.008 aan opgebouwde waarde verloor. Goud blijkt daarmee geen stabiele spaarpot, maar een belegging met flinke pieken en dalen.

In het rekenvoorbeeld presteerde goud beter dan een ETF met een verondersteld gemiddeld rendement van 7 procent per jaar en duidelijk beter dan een spaarrekening met gemiddeld 1,5 procent rente. Die vergelijking houdt geen rekening met kosten of het risico dat werkelijke rendementen afwijken. Ook inflatie moet worden meegenomen: de nominale €39.312 vertegenwoordigt in koopkracht van 2006 ongeveer €23.900.

Een deel van de extra winst voor een Nederlandse belegger kwam bovendien door de wisselkoers. Goud wordt in dollars verhandeld. Omdat de euro tegenover de dollar verzwakte, steeg de goudprijs in euro’s sterker dan in dollars. Dat wisselkoerseffect verklaart ongeveer een deel van het verschil tussen beide rendementen.

Fiscaal zou een goudbezit van deze omvang volgens het artikel onder het heffingsvrije vermogen in box 3 blijven, zolang er geen andere bezittingen zijn die de vrijstelling doen overschrijden. Uiteindelijk blijft de terugblik vooral een illustratie van achterafkennis: in 2006 was niet te voorzien dat de grootste koersstijging pas zeventien jaar later zou komen, en evenmin wanneer een goed verkoopmoment zou aanbreken.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: René van der Gijp wil Marcos Leonardo eindelijk eens zien scoren: 'Ik ga de training bezoeken!'