Wat kun je als automobilist doen tegen gladheid op de weg?
In dit artikel:
Gladheid komt vooral voor in de herfst en winter, meestal ’s nachts of vroeg in de ochtend wanneer vorst, sneeuw, ijzel of natte bladeren het wegdek verraderlijk glad maken. Voor automobilisten is de vraag niet of je het tegenkomt, maar hoe je het veilig aanpakt.
Voorbereiding begint vóór vertrek: bekijk het weerbericht en de verwachte wegcondities, zorg voor geschikte banden (winterbanden of hoogwaardige allseasonbanden) en maak de auto helemaal ijsvrij — ruiten, spiegels, verlichting en het dak — zodat je goed zicht hebt. Vertrek ruim op tijd; haast vergroot het risico bij gladheid.
Op de weg draait alles om beheersing en anticipatie. Rijd langzamer dan normaal, houd extra volgafstand en voer rem- en stuurbewegingen geleidelijk uit. Vermijd inhalen en blijf bij voorkeur in het spoor van andere voertuigen. Wees extra alert op bruggen, viaducten en schaduwplekken, waar ijs vaker en eerder voorkomt.
Als je toch gaat slippen: blijf kalm, laat het gas los en stuur in de richting van de slip. Bij een noodstop met ABS mag je stevig remmen; paniek maakt situaties vaak erger. Kleine hulpmiddelen in de auto vergroten je zelfredzaamheid — denk aan een ijskrabber, antivries-spray, warme deken, zaklamp, extra telefoonlader, sleepkabel en eventueel antislipmiddelen of een kleine schep.
Soms is niet rijden de beste keuze. Met goede voorbereiding, rust en realistische inschatting van je eigen kunnen kun je veel ongevallen voorkomen. Respecteer gladheid, plan vooruit en houd controle: dat verkleint de kans dat een winterrit in gevaar verandert.