Wanneer krijg je vakantiegeld 2026 (en welke inkomens gaan erop vooruit)?
In dit artikel:
Vakantiegeld 2026 valt niet voor iedereen hetzelfde uit: lage inkomens gaan er duidelijk op vooruit, terwijl mensen met een modaal of hoger salaris soms juist iets minder netto ontvangen. Deels komt dat doordat belastingregels dit jaar zijn aangepast — de eerste schijf en heffingskortingen werden vriendelijker voor lagere inkomens — waardoor het netto-effect van hetzelfde brutobedrag sterk kan verschillen.
Kernpunten
- Wat: Vakantiegeld is in Nederland minimaal 8% van het brutojaarsalaris; dit bedrag wordt gedurende het arbeidsjaar opgebouwd (meestal van juni tot en met mei) en doorgaans vóór de zomer uitbetaald.
- Wanneer: De meeste werkgevers betalen in mei, vaak tegelijk met het salaris (rond 20–31 mei). Sommige cao’s kiezen juni; uitzendkrachten en bijbaners kunnen het maandelijks uitbetaald krijgen. Wie vóór mei uit dienst gaat, krijgt het opgebouwde vakantiegeld bij de eindafrekening.
- Wie profiteert: Volgens berekeningen van salarisdienstverlener ADP profiteren werknemers met een bruto maandsalaris van ongeveer €1.000–€2.250 het meest; zij kunnen dit jaar tot zo’n €200 netto extra ontvangen. Ook veel AOW‑ontvangers zien een lichte stijging.
- Wie niet: Mensen rond het modale inkomen (circa €3.700 bruto per maand) merken vaak een kleine daling van het netto vakantiegeld, soms slechts enkele euro’s. Hogere inkomens leveren ook vaak een paar euro in; de verschillen zijn niet groot maar wel opvallend in een maand die normaal als financiële meevaller wordt gezien.
Praktische toelichting
Bruto vakantiegeld (bijvoorbeeld 8% van €3.000 per maand = ongeveer €2.880 bruto per jaar) vertaalt zich door belastingen en heffingskortingen naar een lager netto‑bedrag. De recente belastingaanpassingen veranderen die vertaling in het voordeel van lagere inkomens en tegen het voordeel van midden- en hogere inkomens.
Tip voor ontvangers: controleer je loonstrook en cao of vraag je werkgever wanneer het vakantiegeld wordt uitbetaald, vooral bij uitdiensttreding of bij flexibele contracten.