The Weeknd bracht een gouden robot van 12 meter naar de ArenA, maar het beste moment was een kleine glimlach
In dit artikel:
The Weeknd heeft in de Johan Cruijff ArenA in Amsterdam de eerste van drie shows van zijn After Hours Til Dawn Tour gespeeld, voor in totaal zo’n 150.000 bezoekers. Nederlandse recensies van Het Parool, de Volkskrant, NRC en de Telegraaf zijn het eens over één ding: de show is vooral een groots visueel spektakel, met op de middenstip een twaalf meter hoge gouden robot van Hajime Sorayama als blikvanger. Toch klinkt ook kritiek: volgens de Volkskrant is de productie nauwelijks vernieuwd ten opzichte van eerdere tourdelen en daarmee voor een kaartje van rond de 200 euro wel erg bekend terrein.
De opening van het concert verliep volgens meerdere kranten wat stroef, mede door de galm van de ArenA en omdat The Weeknd eerst nog gemaskerd optrad. Pas na zeven nummers, wanneer hij zijn masker afzet en als Abel Tesfaye het publiek toespreekt, komt de zaal echt los. Vanaf dat moment wordt het concert breder geprezen, met als absolute hoogtepunt ‘Blinding Lights’, dat volgens alle media de grootste ontlading van de avond oplevert. Ook ‘Call Out My Name’ wordt genoemd als emotioneel sterk moment. De avond krijgt extra gewicht doordat deze tour waarschijnlijk het laatste hoofdstuk onder de naam The Weeknd is; daarna zou Tesfaye verdergaan onder zijn eigen naam. Wie vrijdag of zaterdag gaat, krijgt volgens de recensies dus geen nieuwe show, maar wel een indrukwekkende finale van een langdurige tour.
De Oranjezomer: 'Wat mij opvalt is dat de naam van Mark van Bommel niet voor het Nederlands Elftal genoemd is'