Phoebe Bridgers liet ons zes jaar wachten op Lost Weekend en dat wachten is rijkelijk beloond (recensie)
In dit artikel:
Zes jaar na haar vorige soloplaat Punisher keert Phoebe Bridgers terug met Lost Weekend, een album van ongeveer een uur met zestien nummers. De singer-songwriter uit Pasadena verdween na haar doorbraak en Grammy’s met boygenius grotendeels uit de schijnwerpers, terwijl haar leven sterk veranderde. Die periode klinkt door in liedjes over liefde, verlies, familie en herinneringen die pas later hun betekenis krijgen.
Lost Weekend begint ingetogen. Bridgers zingt dichtbij en kwetsbaar, alsof ze de luisteraar rechtstreeks persoonlijke geheimen toevertrouwt. Tegelijk neemt ze muzikaal meer risico dan voorheen. Haar vertrouwde akoestische gitaren en piano’s worden aangevuld met elektronica, vervormde stemmen, stiltes en onverwachte uitbarstingen. ‘Bobby’ is opvallend energiek, ‘Kill Me’ bouwt langzaam spanning op en ‘Other Plans’ overtuigt juist door zijn eenvoud. Op ‘As Above’ laat Bridgers bovendien horen dat haar ingehouden zang inmiddels meer kracht heeft gekregen.
Voor de productie werkte ze samen met onder anderen Jack Antonoff en Alex G. Componist Caroline Shaw verzorgde de vocale arrangementen en verwerkte gastbijdragen van Lucy Dacus en Julien Baker, haar bandgenoten uit boygenius. Ook Cameron Winter is op de plaat te horen.
De veranderingen in Bridgers’ leven — waaronder het overlijden van haar vader, beëindigde relaties en haar groeiende wereldwijde bekendheid — worden nergens overdreven aangezet. Juist kleine observaties krijgen veel impact. Lost Weekend probeert Punisher niet te herhalen, maar laat een artiest horen die ouder en soms wijzer is geworden, terwijl haar vermogen om persoonlijke ervaringen in blijvende, herkenbare zinnen te vangen volledig overeind blijft. De lange wachttijd voelt daardoor niet als verloren tijd.
De Oranjezomer: Victor Vlam kritisch tegen Dilan Yeşilgöz over VVD: 'Er gebeurt te weinig op jullie asielbeleid!'