Landen met het beste vestigingsklimaat: Nederland top, ondanks gedreig
In dit artikel:
Het vestigingsklimaat beschrijft hoe aantrekkelijk een land is voor bedrijven om kantoren en personeel te vestigen — en het begrip duikt vaak op wanneer multinationals dreigen te vertrekken als regels of belastingen onaantrekkelijk worden. Manners onderzocht hoe terecht dat beeld is en welke factoren echt tellen.
Onderzoeksorganisatie The Conference Board vroeg 24 HR‑directeuren van multinationals naar de doorslaggevende elementen bij de keuze van een vestigingsland (Where to Hire‑index). Uit hun antwoorden blijkt dat bedrijven bereid zijn hogere lonen en belastingen te slikken wanneer er een goed opgeleide beroepsbevolking is, de samenleving stabiel is en de overheid voorspelbare, flexibele regels biedt. Op basis hiervan scoren landen als Zwitserland, Ierland en Nederland hoog.
Nederland onderscheidt zich vooral op werkcultuur, maatschappelijke stabiliteit en institutionele efficiëntie. Bureaucratie loopt relatief soepel, thuiswerken en werken op meerdere locaties zijn ingeburgerd, en dat trekt internationaal talent aan. Tegelijk vormen de hoge loonkosten een duidelijk nadeel. Andere grote EU‑landen komen in de vergelijking minder gunstig uit de bus.
Wat betreft prioriteiten noemen HR‑chefs het opleidingsniveau als belangrijkste criterium (51% gaf dit de doorslag). Daarna volgen arbeidsproductiviteit en technologische ontwikkeling; loonkosten en belastingen staan op de derde plaats.
Belangrijk politiek inzicht uit het artikel: er is in het rapport geen bewijs dat het uitdelen van enorme bonussen aan leidinggevenden noodzakelijk is om bedrijven te behouden. Politici en bedrijfsleiders gebruiken het begrip ‘vestigingsklimaat’ echter vaak retorisch om tegenstand tegen maatregelen te smoren — denk aan de recente versoepeling van bonusregels door D66, VVD en CDA, die werd verdedigd met het argument dat het goed zou zijn voor het vestigingsklimaat. In de praktijk blijkt daadwerkelijk vertrek van multinationals zelden voor te komen.