Koningshuis in 10 jaar 46 procent duurder: dit betaal jij per jaar
In dit artikel:
Het Nederlandse koningshuis staat voor het jaar 2026 met €60,4 miljoen op de rijksbegroting, blijkt uit gegevens van het Ministerie van Algemene Zaken. Dat is een stijging van 46% ten opzichte van ongeveer €41,4 miljoen een decennium eerder. Per inwoner komt dat neer op ongeveer €3,33, en voor een huishouden van vier personen betekent het jaarlijks zo'n €13,32 aan kosten voor koning Willem‑Alexander en zijn familie. Ten opzichte van tien jaar terug betaalt elke Nederlander gemiddeld €0,91 meer.
Drie hoofdredenen verklaren de groei: het inkomensdeel (het zogeheten A‑component) van de koning is wettelijk gekoppeld aan het salaris van de vicepresident van de Raad van State, waardoor automatisme in verhogingen optreedt; het B‑component (personeel en materieel) volgt cao‑afspraken en de consumentenprijsindex; en sinds haar 18e verjaardag heeft kroonprinses Amalia recht op een jaarlijkse uitkering van circa €1,9 miljoen. Amalia stort haar A‑component terug zolang ze studeert, maar behoudt sinds 1 januari 2025 een B‑component van ruim €1,7 miljoen voor personeel, wat de begroting structureel extra belast.
Tussen 2017 en 2026 bedroeg de cumulatieve inflatie ongeveer 37% (ongeveer 34% tot 2025 plus een geschatte 2,7% voor 2026). De koningshuisuitgaven stegen harder: 46%. Dat betekent ongeveer €3 miljoen meer dan wanneer de begroting louter de CPI had gevolgd; dat overschot valt grotendeels terug te voeren op Amalia’s begrotingspost.
Internationaal staat Nederland (op basis van oudere vergelijkingen uit 2016/2017) in de top‑3 van de duurste monarchieën per hoofd van de bevolking. Direct vergelijken is lastig omdat recente, eenduidige internationale cijfers ontbreken. Opmerkelijk is dat de koning een van de lagere koninklijke salarissen heeft binnen Europa, maar dat de Nederlandse bevolking per hoofd veel meer betaalt dan bijvoorbeeld Spanje. Verder is de officiële begroting niet het einde van het verhaal: republikeinse organisaties wijzen op veel hogere schattingen van de totale kosten (in het verleden werden veel hogere bedragen berekend dan de officiële cijfers), iets waar de Rijksvoorlichtingsdienst eerder sceptisch over was.
Kort samengevat: het koningshuis kost in 2026 aanzienlijk meer dan tien jaar geleden, vooral door indexeringseffecten en de toevoeging van Amalia’s uitkering, en Nederland blijft relatief zwaar uitgeven aan het staatshoofd in Europese context — al zijn precieze vergelijkingen moeilijk te maken zonder actuele internationale data.