IJsjesgate in Gaza: 'Koop geen Magnum, bevrijd ons'
In dit artikel:
De oorlog in het Midden-Oosten raakt wereldwijd handelsstromen, maar de meest opvallende nevenwerking speelt zich af in de ijsvak: Ben & Jerry’s ligt in een openlijk geschil met het moederbedrijf (na Unilever nu onder de zogenaamde Magnum-groep) over verkoop in door Israël bezette Palestijnse gebieden. Oprichters Ben Cohen en Jerry Greenfield, bekend om hun activistische signatuur, verzetten zich tegen verkoop in nederzettingen die volgens internationaal recht illegaal zijn.
Tijdens een bijeenkomst in Rotterdam riep Cohen consumenten op om minder Magnums te kopen om druk te zetten op het moederbedrijf en zo de ruimte voor maatschappelijk engagement van Ben & Jerry’s terug te winnen. Tegelijk waarschuwde hij dat een boycot van Ben & Jerry’s zelf banen zou kunnen schaden; volgens hem werkt het beter om andere ijsmerken van de moedermaatschappij te mijden.
Het conflict sleept sinds 2021 toen Unilever in het spel zat; de kern is juridisch: de oprichters bezitten het bedrijf niet meer en kunnen het merk niet zomaar terugnemen zonder een miljardenopkoop. Wel heeft Ben & Jerry’s een onafhankelijke board die over politieke statements kan beslissen, maar die vrijheid blijkt beperkt — het moederbedrijf verbood bijvoorbeeld een Palestina-getint ijsje. De patstelling toont hoe commerciële belangen en politiek activisme botsen binnen mondiale merken.