EU-land kocht 300.000 kilo goud in 5 jaar, al heeft Nederland meer
In dit artikel:
Polen profileert zich steeds duidelijker als economische grootmacht binnen de EU en vult dat zelfvertrouwen onder meer met goudreserves. Sinds 2020 heeft de Poolse centrale bank jaarlijks ongeveer 60 ton aangekocht; in vijf jaar tijd komt dat neer op circa 300 ton, met een huidige waarde rond de 40 miljard euro. Volgens het artikel leidt dit, samen met eerdere aankopen, tot een voorlopige totale voorraad van ongeveer 550 ton. De officiële ambitie is om door te groeien naar 700 ton (bij benadering €94 miljard), waarmee Polen Nederland zou voorbijstreven op de ranglijst van landen met de grootste goudvoorraden.
De goudcampagne past bij de sterke economische groei van Polen — het land staat inmiddels in de buurt van de top zes van EU-economieën — en bij politieke keuzes die ruimte geven voor forse aankopen van strategie-activa. Wereldwijd zien we vergelijkbare bewegingen: China, India en Turkije zijn ook grote kopers, en juist die actieve aanwinsten hebben ertoe geleid dat Nederland, dat vooral vasthoudt aan bestaande reserves, recentelijk uit de top tien is gevallen. Nederland bezit nog zo’n 612 ton goud; België zit met ongeveer 227 ton ruim daaronder.
Kort gezegd: Polen transformeert zijn financiële positie door systematisch goud te vergaren, met het oog op meer zekerheid en economische prestige. Deze koers illustreert een bredere trend waarbij centrale banken buiten de traditionele grootmachten hun goudreserves verhogen als buffer en strategische investering.