Dit kost de mega-lening aan Oekraïne per inwoner Europese Unie
In dit artikel:
De EU-lidstaten hebben afgesproken Oekraïne een lening van 90 miljard euro te verstrekken, met duidelijke bestedingsregels. Het akkoord (bereikt op woensdag) verdeelt het bedrag in ongeveer 60 miljard voor defensie-uitgaven en 30 miljard als begrotingssteun voor 2026 en 2027. Oekraïne moet in principe wapens en materieel aanschaffen bij bedrijven binnen de EU, in Oekraïne zelf of bij de EER‑EFTA-landen (IJsland, Liechtenstein, Noorwegen). Alleen bij acute tekorten mag het onder strikte voorwaarden ook buiten die kring kopen — bijvoorbeeld in de VS, Canada, het VK of Zuid‑Korea — en uit landen die via samenwerkingsprogramma’s zoals SAFE of een veiligheids‑ en defensiepartnerschap aan de EU verbonden zijn.
De onderhandeling liet verdeeldheid zien: Frankrijk wilde strikt Europees inkopen, Nederland pleitte voor meer bewegingsvrijheid voor Oekraïne. De EU zal de 90 miljard op de kapitaalmarkt lenen; de EU‑begroting draagt de rentekosten. Tsjechië, Hongarije en Slowakije doen niet mee. Het Europees Parlement moet nog instemmen; de eerste middelen heeft Oekraïne al in april nodig.
Ter relativering: met ongeveer 450 miljoen inwoners in de EU komt die lening neer op grofweg 200 euro per EU‑inwoner. De deal probeert een balans te vinden tussen het versterken van Europese defensieproductie en het geven van genoeg flexibiliteit zodat Oekraïne snel het materiaal kan krijgen dat het in de oorlog nodig heeft.