Dit is de doorsnee erfenis in Nederland en zo besteden we het geld
In dit artikel:
Nieuwe CBS-cijfers laten zien dat kinderen in Nederland doorgaans geen enorme bedragen van hun ouders erven. Het CBS onderzocht ruim 30.500 kinderen van wie de laatste ouder in 2018 overleed. Omdat alleen aangiften erfbelasting zijn gebruikt, blijven veel kleinere erfenissen buiten beeld. Bij 31 procent van de onderzochte kinderen stond een erfenis geregistreerd.
Binnen die geregistreerde groep bedroeg de netto-erfenis doorgaans 43.000 euro. Het gaat om de mediaan: de helft ontving minder en de andere helft meer. Omdat kleinere erfenissen deels ontbreken, ligt het bedrag voor alle onderzochte kinderen waarschijnlijk lager. Slechts 6 procent van alle kinderen erfde minstens 100.000 euro en 14 procent ontving 50.000 euro of meer. Grote erfenissen zijn in principe wel betrouwbaar in beeld, omdat ze boven de vrijstelling van 20.371 euro uitkomen.
Het onderzoek laat ook zien wat erfgenamen met grotere bedragen doen. Van de kinderen die minstens 50.000 euro erfden, verhuisde 21 procent tussen 2018 en 2020. In een vergelijkbare groep die de erfenis pas later ontving, was dat 14 procent. Ook losten erfgenamen extra af op hun hypotheek: hun gemiddelde schuld daalde in deze periode met 13.000 euro, tegenover 3.000 euro in de vergelijkingsgroep.
De cijfers bewijzen niet dat Nederland niet op weg is naar een ‘erfocratie’. Ze hebben betrekking op erfenissen uit 2018, terwijl de komende jaren volgens adviesbureau Van Bruggen een veel grotere vermogensoverdracht wordt verwacht. Tussen 2024 en 2033 zou ongeveer 300 miljard euro aan woningvermogen via schenkingen en erfenissen naar volgende generaties kunnen vloeien. De overwaarde van huishoudens met een hoofdkostwinner van 55 jaar of ouder steeg bovendien van 308 miljard euro in 2006 naar 883 miljard euro in 2024. Volgens Van Bruggen kunnen daardoor de komende tien jaar ongeveer een miljoen Nederlanders een grote schenking of erfenis ontvangen.
Vandaag Inside: René van der Gijp heeft begrip voor hitsige Bondgenoten-deelnemers: ‘Na een week...'