De zomer van 2026 lijkt heet te worden (dit kun je verwachten van het weer)

dinsdag, 26 mei 2026 (07:41) - JFK.men

In dit artikel:

Na een opvallend droge en zonnige lente wijzen de nieuwste seizoensmodellen sterk in de richting van een warme, zonnige en relatief droge zomer in Nederland, met name in juni en juli 2026. De combinatie van een flink neerslagtekort — dat inmiddels richting de circa 100 mm gaat — en een bodem die door gebrek aan vocht sneller opwarmt, legt een basis waardoor hitteperiodes makkelijker ontstaan en zichzelf kunnen versterken. Een droge bodem voorkomt dat zonenergie wordt gebruikt voor verdamping; de warmte gaat direct de lucht in, wat leidt tot meer zonuren en hogere temperaturen.

De modellen zijn tamelijk eensgezind: de eerste helft van de zomer lijkt duidelijk warmer en droger dan gemiddeld. Dat betekent niet onafgebroken strandweer, maar vergroot wel de kans op stabiele hogedrukgebieden, veel zonnige dagen, langere droge periodes en vaker tropische dagen boven 30 °C. Met name stedelijke gebieden zullen warme periodes zwaarder voelen doordat beton en asfalt warmte vasthouden. Zo kunnen hittegolven, wanneer die optreden, intens aanvoelen en voor overlast zorgen (volle terrassen, verkoop van ventilatoren, etc.).

Augustus toont meer kans op omslag naar wisselvalliger zomerweer: door warmere lucht die meer vocht kan bevatten, kunnen later in de zomer lokale, felle onweersbuien ontstaan met plots hoge neerslagintensiteit. Tussen zulke buien door blijft het vaak nog aangenaam warm, waardoor je overdag buien kunt hebben en ’s avonds toch buiten blijven zitten bij warme avonden.

Ook de temperatuur van de Noordzee speelt een belangrijke rol. Die ligt nu rond normaal, maar kan snel opwarmen bij een warme start van de zomer. Warmer zeewater kan buien voeden en de kuststreek beïnvloeden; een koelere zee biedt juist verkoeling en vaker zonnig kustweer — dus strandweer kan regionaal sterk verschillen.

Dat warme zomers vaker voorkomen, past in een bredere langjarige trend. De gemiddelde zomertemperatuur in De Bilt steeg van 16,1 °C (1951–1980) naar 17,6 °C in het recente klimaatgemiddelde (1996–2025). Sinds 2000 verliep circa 85% van de zomers warmer dan normaal; koele zomers zijn de uitzondering geworden. Seizoensverwachtingen geven geen dag-tot-dag details maar wel trends; dat betekent dat er binnen een warme zomer nog koelere weken of hevige regenbuien kunnen vallen.

Kort samengevat: de uitgangspositie (droge lente), samen met seizoensmodellen en bodemcondities, verhoogt de kans op een zonnige en warme zomer 2026 — vooral in juni en juli — terwijl augustus meer kans op onweersbuien en lokale buien biedt. Voorbereiding op hitte (zonnebrand, water, stedelijke verkoeling) en aandacht voor mogelijke droogterisico’s blijft verstandig, ook al is er altijd onzekerheid in de precieze timing en intensiteit van hittegolven en buien.