De échte Ronaldo is 50 jaar: het onwaarschijnlijke verhaal van het originele fenomeen

vrijdag, 18 september 2026 (17:03) - FHM

In dit artikel:

Ronaldo Luís Nazário de Lima, beter bekend als de Braziliaanse Ronaldo of het Fenomeen, wordt vijftig jaar. Voor een generatie voetballiefhebbers was hij de ultieme spits: explosief snel, sterk, technisch verfijnd en in staat om vanaf de middenlijn meerdere verdedigers uit te spelen. Zijn carrière werd overschaduwd door zware knieblessures, maar juist zijn comeback en prestaties op het WK van 2002 maakten zijn status als voetballegende compleet.

Ronaldo werd op 18 september 1976 geboren in Rio de Janeiro. Via zaalvoetbal en de jeugd van São Cristóvão belandde hij op zestienjarige leeftijd bij Cruzeiro, waar hij snel naam maakte als doelpuntenmaker. Nog voor zijn achttiende werd hij opgenomen in de Braziliaanse WK-selectie van 1994, al kwam hij in de Verenigde Staten niet in actie. Op advies van landgenoot Romário verhuisde hij daarna naar PSV, dat ongeveer zes miljoen dollar voor de jonge aanvaller betaalde.

In Eindhoven had Ronaldo nauwelijks tijd nodig om zich aan het Nederlandse voetbal aan te passen. In zijn eerste Eredivisiejaar scoorde hij dertig keer in 33 wedstrijden. Over twee seizoenen maakte hij 54 doelpunten in 57 officiële duels. Hij was geen spits die alleen in het strafschopgebied wachtte: hij haalde de bal op, versnelde rechtstreeks op verdedigers af en combineerde kracht met dribbels, schijnbewegingen en uitzonderlijke balcontrole. Zijn samenwerking met Luc Nilis hielp hem bovendien geregeld alleen voor het doel te verschijnen. In Nederland kreeg hij ook voor het eerst serieuze knieproblemen.

Na twee seizoenen vertrok Ronaldo naar FC Barcelona. Zijn verblijf in Catalonië duurde slechts één jaar, maar het seizoen 1996/97 geldt als een van de spectaculairste individuele prestaties uit de voetbalgeschiedenis. Onder Bobby Robson maakte hij 47 doelpunten in 49 officiële wedstrijden en won Barcelona de Copa del Rey, de Spaanse Supercup en de Europacup II. Zijn solo tegen Compostela, waarbij hij vanaf de middenlijn meerdere tegenstanders van zich afhield, werd iconisch. Robson en assistent José Mourinho zagen in hem een speler die op topsnelheid de bal ongekend dicht bij zich hield. Ronaldo won dat jaar de FIFA-prijs voor Wereldvoetballer van het Jaar en in 1997 de Ballon d’Or.

Een contractconflict maakte een einde aan zijn tijd in Spanje. Internazionale betaalde de ontsnappingsclausule en haalde hem naar de Serie A, destijds de competitie met de sterkste verdedigers ter wereld. In Italië groeide Ronaldo uit tot ‘Il Fenomeno’. In zijn eerste seizoen scoorde hij 34 keer en leidde hij Inter onder meer naar de UEFA Cup. Verdedigers als Paolo Maldini en Fabio Cannavaro beschouwden hem als een uitzonderlijk moeilijke tegenstander, omdat hij snelheid, kracht en techniek combineerde en al vóór de aftrap psychologische druk op zijn tegenstanders legde. Zijn optreden in de UEFA Cup-finale van 1998 tegen Lazio, inclusief een kenmerkende schijnbeweging voor zijn doelpunt, werd een van de beelden die zijn reputatie bepaalden.

Op het WK van 1998 in Frankrijk was Ronaldo de grootste ster van Brazilië. Uren voor de finale tegen het gastland kreeg hij een aanval en werd hij medisch onderzocht. Hoewel hij aanvankelijk niet op het wedstrijdformulier stond, speelde hij uiteindelijk toch. Hij presteerde ver onder zijn normale niveau en Brazilië verloor met 3-0 van Frankrijk. Wat er precies met hem gebeurde, bleef jarenlang onderwerp van speculatie.

Daarna volgde de zwaarste periode van zijn loopbaan. In november 1999 scheurde Ronaldo een pees in zijn rechterknie. Bij zijn rentree tegen Lazio in april 2000 begaf dezelfde knie na enkele minuten opnieuw, zonder contact met een tegenstander. Artsen betwijfelden of hij nog op topniveau zou kunnen spelen. Na bijna twee jaar revalideren keerde hij terug, eerst bij Inter en vervolgens met de Braziliaanse selectie voor het WK van 2002 in Japan en Zuid-Korea.

Ronaldo leidde Brazilië daar naar de vijfde wereldtitel. Zijn opvallende kapsel, met een klein plukje haar aan de voorkant, leidde de aandacht af van zijn fysieke problemen. Op het veld scoorde hij in de groepsfase en knock-outrondes acht keer, waaronder beide doelpunten in de finale tegen Duitsland. Daarmee werd hij topscorer van het toernooi en voltooide hij een comeback die kort daarvoor vrijwel onmogelijk leek. Zijn herstel geldt als een van de grootste comebacks in de sportgeschiedenis.

Na het WK verhuisde Ronaldo naar Real Madrid, waar hij deel uitmaakte van de Galácticos naast onder anderen Luís Figo, Zinedine Zidane, David Beckham en Raúl. Door zijn knieproblemen was hij minder explosief dan bij PSV, Barcelona en Inter, maar hij compenseerde dat met betere positionering, timing en koelbloedigheid. In 177 officiële wedstrijden maakte hij 104 doelpunten. Zijn hattrick tegen Manchester United op Old Trafford in 2003 leverde hem zelfs een staande ovatie van het Engelse publiek op, ondanks de 4-3-nederlaag van Real Madrid.

In 2007 ging hij naar AC Milan, maar zijn lichaam bleef hem hinderen. Een nieuwe zware knieblessure in 2008 bracht opnieuw zijn loopbaan in gevaar. In 2009 keerde hij terug naar Brazilië bij Corinthians, waarmee hij het staatskampioenschap van São Paulo en de Copa do Brasil won. In februari 2011 stopte hij op 34-jarige leeftijd. Hij wees op de vele fysieke problemen en maakte bekend dat hij hypothyreoïdie had, een aandoening die zijn stofwisseling beïnvloedde.

Ronaldo beëindigde zijn carrière met twee wereldtitels, twee Ballon d’Ors, drie FIFA-verkiezingen tot Wereldvoetballer van het Jaar, 62 doelpunten in 98 interlands en doelpunten voor PSV, Barcelona, Inter, Real Madrid, AC Milan en Corinthians. Zijn invloed reikte ook buiten het veld: zijn bijnaam R9 en de speciaal voor hem gemaakte Nike Mercurial-schoenen werden wereldwijde voetbaliconen.

Volgens grootheden als Messi, Ibrahimović, Mourinho, Cannavaro en Maldini was Ronaldo een van de meest getalenteerde spelers ooit, en voor sommigen de beste spits die zij zagen. Zijn statistieken zijn indrukwekkend, maar vooral de herinnering aan zijn combinatie van snelheid, kracht, dribbels en doelgerichtheid bepaalt zijn nalatenschap. Voor wie hem op zijn hoogtepunt zag, was één naam voldoende: Ronaldo, het Fenomeen.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Johan Derksen in de bres voor homo-acceptatie: ‘Dadelijk gaan ze weer terug in de kast’