A$AP Rocky's Don't Be Dumb is een bruut eerlijke rollercoaster (review)

vrijdag, 16 januari 2026 (12:24) - JFK.men

In dit artikel:

A$AP Rocky (Rakim Mayers) heeft na een wachttijd van acht jaar zijn vierde studioalbum Don’t Be Dumb uitgebracht. De plaat, met een door Tim Burton ontworpen hoes, duurt 59 minuten en 49 seconden en kwam nadat de artiest eerder twee gelikte singles met videoclips uitbracht (waarvan er één door twee Nederlanders is gemaakt). Rocky verklaart in interviews dat hij geen haast voelt om constant te releasen; hij wil tijd nemen voor creativiteit en perfectie en wil met dit album laten zien wie hij nu is — iemand met een andere focus na familie, modeactiviteiten en juridische episodes.

Muzikaal is Don’t Be Dumb veelzijdig en soms schurend: verwacht tempowisselingen, experimentele producties en veel stemvervormers. Het album begint eerlijk en direct, waarin Rocky de lange stilte sinds zijn vorige plaat bespreekt. Vanaf de tweede single en vooral bij nummers als “Stole Ya Flow” verschuift de toon: de productie bevat gruizige synths en zware bas, en Rocky rapt over zijn vaderrol en zijn publieke relatie met Rihanna — hij toont trots op zijn gezinsleven in plaats van opschepperij over materiële zaken. Plotselinge tempoveranderingen en een kerkkoor in de bridge benadrukken de onvoorspelbaarheid.

“Stay Here 4 Life” laat Rocky’s neiging tot experiment zien: een nummer dat op het eind abrupt vertraagt en overgaat in een gesproken reflectie waarin hij afstand neemt van het player-imago. De plaat wordt treffend omschreven als verrassend en afwisselend: elk nummer profileert een ander facet van Rocky’s muzikale smaak en intentie om betekenis boven constante relevantie te stellen.

Enkele hoogtepunten: “STFU” is een agressieve soundwash; “Punk Rocky” brengt een dromerige, gitaargedreven kant die aan eerdere werk doet denken; “Air Force (Black Demarco)” wisselt 8-bit-achtige ruis af met ambient-partijen. Het uitgesproken hoogtepunt is “Robbery”, waarin jazz (met hulp van Doechii en een Duke Ellington-referentie) en hiphop samensmelten. Dat nummer bouwt naar een dramatisch moment waarin een schot klinkt en Rocky, als performer-robber, een intense toespraak houdt — een theatrale, effectieve compositie die de durf van het album illustreert.

De recensent beschrijft aanvankelijke scepsis bij de eerste draaibeurt, maar merkt dat Don’t Be Dumb bij hernieuwd luisteren steeds beter klikt; het geheel overtuigt uiteindelijk door zijn creatieve risico’s. Conclusie: A$AP Rocky levert een eclectisch, persoonlijk album af waarin de zoektocht naar perfectie en artistieke vrijheid duidelijk hoorbaar is — de luisteraar wordt aangeraden er onverdeelde aandacht aan te besteden.